Ja, ik heb leukemie, maar ook veel vechtlust"

woensdag, 9 december, 2020

Leopold Lippens (79) is na zes weken uit het ziekenhuis en praat voor het eerst over zijn ziekte

"Ja, ik heb leukemie. Maar neen, dood ben ik zeker niet."
Leopold Lippens (79), burgemeester van Knokke, is net weer thuis van een lang ziekenhuisverblijf en praat voor het eerst openlijk over zijn ziekte.
"Mijn immuniteit was té fel verzwakt.
Maar versleten?
Neen, ik blijf aan het werk en heb véél tijd gehad om na te denken. Er zal veel veranderen in Knokke-Heist."

Begin november liet Lippens weten dat hij het een tijdje kalmer aan moest doen door gezondheidsproblemen. "Hou het veilig en zorg goed voor elkaar", zei hij in een boodschap aan de inwoners van Knokke-Heist.
Meer details wou hij niet kwijt. "Een privékwestie."
Dat hij überhaupt communiceerde, kwam door de vele roddels die de ronde deden in zijn badplaats.
Hij werd zelfs al doodverklaard.
Maar nu, na anderhalve maand in het ziekenhuis, voelt de burgervader zich fit genoeg om te reageren.
"Ach, die roddels... Natuurlijk heb ik ze gehoord en gelezen", vertelt hij met een zucht vanuit zijn villa in het Zoute.
"Ik bekijk het zo: als je écht dood bent, weet je niet dat ze over je roddelen.
De mensen doen maar, hé. Je hoort het nu zelf, aan de telefoon: ik ben niet dood."

Risicopatiënt

Toch beseft de graaf dat zijn toestand penibel was.
In 2015 onderging hij al een zware hartoperatie en in 2017 kreeg hij een pacemaker.
Hij is dus sowieso een risicopatiënt.
"Het begon begin dit jaar.
Ongeveer bij het begin van de coronacrisis.
Tijdens een controle stelden de dokters vast dat er een probleem was.

'Leukemie', kreeg ik te horen.
Gelukkig een behandelbare vorm, maar toch.
De dokters in Brugge hebben schitterend werk geleverd en daar ben ik hen ontzettend dankbaar voor."

Ondanks die diagnose bleef de burgemeester aan het werk.
Toch bleef de ziekte sluimeren.
Uiteindelijk moest hij opgenomen worden in het ziekenhuis.
"Mijn immuniteit was té fel verzwakt.
Gelukkig sloeg de behandeling aan.
Zes weken verbleef ik er.
Sinds eind vorige week ben ik opnieuw thuis, ik ben herstellende en ik voel me volledig in orde.
Mijn 'fighting spirit' is helemaal terug."

Veel nagedacht

Lippens klinkt tijdens het gesprek opvallend scherp en helder.
"Fysiek voel ik me nog moe door de medicatie.
Mentaal daarentegen ben ik tiptop in orde.
Geloof me: ik heb veel tijd gehad om na te denken.
Leopold Lippens is nog steeds burgemeester, hé.
Dat is al die tijd zo gebleven", maakt hij duidelijk.
"Er zal heel wat veranderen in Knokke-Heist.
Misschien is dat het enige positieve element van Covid-19, dat we kunnen nadenken over alles."

In het begin van de coronacrisis drukte Lippens meermaals zijn stempel.
Zo was hij de eerste die zei dat hij de scholen zou sluiten, weigerde hij dagjestoeristen en vroeg hij Nederlanders niet meer naar Knokke-Heist te komen.
En van zijn idee over 'coronaziekenhuizen' stapt hij nog steeds niet af.
"Ik ben zeker dat we de komende tijd allemaal besmet zullen zijn of geweest zijn.
Laat ons zeggen dat gemiddeld 5% van de mensen effectief in het ziekenhuis opgenomen moet worden.
Wel, die 5% bezet wel 90% van de ziekenhuiscapaciteit.
Dat is een wezenlijk probleem.
Normale behandelingen of afspraken moeten daarvoor wijken.
'Coronaklinieken' zouden een oplossing kunnen bieden.
Al moet daar natuurlijk wel eerst voldoende personeel voor te vinden zijn.
We moeten vooral beseffen dat we door de pandemie in een andere wereld leven.
Het vaccin? Dat is een mogelijke oplossing, maar wie kan met zekerheid zeggen dat het alles zal oplossen?"

Back to basics

In zijn rol als burgemeester ziet Lippens een duidelijke toekomst voor Knokke-Heist.

"We zullen 'back to basics' gaan.
De gemeente zal een nieuwe richting inslaan, met minder massa-evenementen.
Al onze activiteiten zullen onder de loep worden genomen.
Wat moet er veranderen? En hoe? Met al die zaken ben ik bezig."

Ook heeft hij nog enkele wensen voor het nieuwe jaar.
"Ik hoop dat we snel terug naar een normale wereld evolueren - waarin iedereen mag reizen, wandelen en sporten zoveel hij wil.
En vooral zonder de angst die er nu toch heerst.
Toch moeten we beseffen dat er ons nog zéér moeilijke tijden te wachten staan.
Zowel sociaal als economisch.
Als gemeentebestuur zullen we er intussen alles aan doen om onze eigen inwoners en handelaars zoveel mogelijk te steunen."

Op de vraag of we hem vooral een goede gezondheid mogen toewensen, krijgen we een hoopvol antwoord. "Vandaag voel ik me goed en gaat de ziekte de goede kant uit", besluit Lippens.